Wat vindt de gewone moslim van de islam?

De rol van de gewone moslims wordt onderschat. Dat is het uitgangspunt van Léon Buskens (Universiteit Leiden) en Thijl Sunier (Vrije Universiteit). Voor hun onderzoeksvoorstel ontvangen beide islamdeskundigen een beurs van de Nederlandse organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO).

De moslim in de straat

‘Er wordt van alles beweerd over moslims en de islam’, vertelt Buskens. Samen met Sunier gaat hij onderzoeken hoe de islam vorm krijgt in de huidige Nederlandse samenleving. Als twee antropologen onderzoek doen naar de islam, is de gewone moslim in de straat een logisch vertrekpunt. Zo vraagt Buskens zich af: ‘Wat betekent de islam voor gewone moslims? Hoe geven ze daar vorm aan, wat maken ze ervan in het dagelijks leven?’ Daarvan hebben beide professoren hun onderzoeksvraag afgeleid: Waarop baseren moslims hun ideeën over de islam? Hebben ze die van horen zeggen op straat, van de imam of van het moskeebestuur?


Met moslims in gesprek

‘Er is behoefte aan betrouwbare kennis’, weet Buskens. ‘De Nederlandse overheid wil in gesprek met moslims. Ze willen weten hoe gezag en leiderschap zich ontwikkelen in de moslimgemeenschap. Op onze onderzoeksgevens kunnen gemeentelijke overheden nieuw beleid baseren. Het mes snijdt aan twee kanten. Wij als wetenschappers zijn geïnteresseerd in waarheidsvinding. En onze inzichten delen we met betrokken partijen. Bovendien biedt ons onderzoek aan de moslims zelf de mogelijkheid tot reflectie op hun positie.'
 

 

 
Wie is de ‘gewone moslim’?

Met ‘gewone moslims’ bedoelen de onderzoekers gelovigen die zich niet vanuit professioneel maar vanuit persoonlijk oogpunt bezighouden met de islam. Het onderzoek richt zich op de alledaagse belevingen en ervaringen van moslims en op de discussies over actuele kwesties die ‘van onderop’ worden gevoerd. Deze processen onttrekken zich aan officiële procedures en gevestigde voorschriften zoals opgesteld door religieuze experts.

De keuze voor het perspectief van ‘gewone moslims’ komt voort uit het idee van ‘alledaagse religie’ dat centraal staat in het onderzoek. Dat gaat ervan uit dat de normatieve aspecten van religie niet alleen door religieuze experts worden ontwikkeld op officiële plaatsen, maar dat deze gestalte krijgen in het dagelijkse leven van moslims.
 

 

 

Woorden én daden

Prof.dr. Léon Buskens

Prof.dr. Léon Buskens

Buskens licht toe: ‘Bij NWO zeiden ze: ‘we willen nu onderzoek, maar wel samen met andere maatschappelijke partners. Niet alleen in woorden, maar ook met daden.’ Of, in de woorden van Buskens: 'Put your money where your mouth is’. De partners variëren van politieke partijen en hun wetenschappelijke bureau’s tot de Dienst Geestelijke Verzorging van de Krijgsmacht. En organisaties van en voor moslims, zoals in Rotterdam. Alle grote gemeentes in de Randstad doen mee. De gemeente Leiden toont zich zeer betrokken met het Leids Universitair Centrum voor de studie van Islam en Samenleving (LUCIS). Burgemeester Lenferink wil aandacht voor moslimgemeenschappen in Leiden, en draagt nu ook financieel bij aan het onderzoek. Evengoed is het onderzoek onafhankelijk. Buskens: ‘De minder vrolijke zaken melden we natuurlijk ook.’


Kennis en kunde

Buskens benadrukt het belang van samenwerking van acht Nederlandse universiteiten in de Netherlands Interuniversity School for Islamic Studies (NISIS). Daaruit ontspruit dit NWO-project van de Universiteit Leiden met de Vrije Universiteit (VU). Thijl Sunier (VU) onderzoekt de islam in West-Europa, in het bijzonder de Turkse moslims in Nederland. Buskens is thuis in de islam in Marokko, en de relatie van Marokkanen in Nederland met hun land van herkomst. Samen scheppen Buskens en Sunier het onderzoekkader en sluiten daarin aan bij maatschappelijke discussies in Nederland. Twee PhD’s kunnen aan de slag. De een promoveert in Leiden, de ander in Amsterdam.

(8 juli 2013/MvG)

Zie ook


 

Studeren in Leiden

Bachelor


Master

Last Modified: 12-07-2013